Dekema State te Baard

Ligging De Dekema State heeft in Baard, v/h gemeente Baarderadeel, nu Leeuwarden, gestaan.

Kaartje waarop Dekema State te Baard afgebeeld staat

Andere benaming Heringa State
Ontstaan Waarschijnlijk werd de stins in de 14e eeuw gebouwd.
Geschiedenis Al in 1303 komen we de naam van Juw Hettes Decama tegen, die dan meevecht in het leger van graaf Jan II. Juw heeft een zoon, Hette Juws Decama, die weer drie zoons had, te weten Sytse, Hette en Juw. Het latere leven van Sytse speelde zich af te Weidum, waar ook een Dekema State stond, maar de twee anderen woonden rond 1400 in Baard. De jonge Hette trouwde met Wick Roorda en Juw had een Rotterda als vrouw. Van de zeven kinderen van Juw is het vooral Hette Juws, die het meest interessant is. Niet omdat hij in 1462 in een gevecht bij het klooster Aalsum (onder Irnsum) sneuvelde, maar meer omdat hij de vader was van de bekende Juw Hettes Dekema, die een belangrijke plaats ingenomen heeft in de Friese politiek van die tijd.
De stins was een belangrijke machtspostie in Baard en van oorsprong heette de stins Heringastins en komen we hier in 1433 Sybrant à Bawirt als bewoner tegen, die grietman van Baarderadeel is. Hij woont in elk geval tot 1446 in de Heringastins en daarna zijn zoon Douwe Sybrens (1468). Dit gegeven wordt gemeld door de 'Hollandse spion'. Douwe en ook zijn zoon Doecke komen regelmatig in oorkonden en kroniekberichten tegen. Hun nakomelingen noemen zich later Aesgema (zie Aesgema State te Oosterlittens) en verzwageren zich met de Dotinga's te Marssum en de Buttema's te Morra.

Voor 1491 verkoopt Douwe Sibrens "Heringhae stins thoe Baerd, met stins, weer, poerten, ringhmuura, greften, wallen, wenhus, heem en hoernleger" aan Goffe Roorda, die de stins in 1491 na een geschil met Juw Dekema aan de laatste overdroeg. Sindsdien staat het huis ook als Dekema bekend.

Juw was een schrandere en vredelievende man, die er in slaagde buiten de twisten tussen Schieringers en Vetkopers te blijven. In een poging de twisten te beëindigen werd hij in 1494, onder leiding van de keizerlijk ‘bode’ Otto von Langen, om die eigenschappen en zijn onpartijdigheid door de Schieringers verkozen tot Potestaat van Friesland. Samen met 24 rechters vormde hij de Hoge Raad en allen legden de eed van trouw af aan de keizer. De vetkopers, die geweigerd hadden op de uitnodiging van Von Langen in te gaan, vergaderden twee weken later en weigerden Juw te erkennen als Potestaat, puur vanwege het feit dat hij door de Schieringers was gekozen. Ondanks zijn schranderheid en onpartijdigheid slaagde Juw er dan ook niet in om de beide partijen bij elkaar te brengen. Om een einde te maken aan dat geharrewar, zag keizer Maximiliaan tenslotte geen andere mogelijkheid meer dan Friesland maar te ‘schenken’ aan de Hertog van Saksen, zijn grootste schuldeiser.
Die moest dan nog wel, op eigen kosten, dat zootje ongeregeld daar in die uithoek van het rijk in het gareel zien te krijgen. De kortzichtigheid van de eeuwenlang door historici als Friese vrijheidsstrijder opgehemelde Jancko Douwama, aanvoerder van de Vetkopers, omtrent deze benoeming van Juw Dekema tot Potestaat, heeft uiteindelijk het doodvonnis betekend voor de Friese vrijheid. Jancko Douwama tekende daarmee ook zijn eigen doodvonnis, want hij is later in de gevangenis van Vilvoorden onthoofd.

Terug naar Baard. De gevechten waren in 1498 met de komst van de Hertog van Saksen nog lang niet afgelopen. In 1514 kwamen de Vetkopers en hun Gelderse ‘vrienden’ onder leiding van Paulus van Gravestein op naar Baard en staken de Dekema stins in brand. In 1515 deed de "Zwarte Hoop", een bende losgeslagen soldaten van de Hertog van Saksen die geen soldij hadden gekregen, dat nog eens dunnetjes over. In 1523 stierf Juw van Dekema in zijn huis te Franeker in de ouderdom van 74 jaar.
In 1950 vond kerkvoogd Nicolai op een afvoerput achter de kleuterschool van Baard nog twee kinderzerkjes met de namen van Juw Dekema en Hottinga en het jaartal 1480. Twee van de kinderen van Juw zijn dus jong gestorven.

Na de brand van 1515 is de stins/state blijkbaar herbouwd, want in de "Beschryvinge van de Heerlyckheydt van Frieslandt" (1664) staat vermeld: "Hier light de State Dekema/ alwaer geboortigh ende woonachtich gheweest is/ de laetste Potestaet Juw van Dekama". Tevens blijkt uit de archieven dat er in 1529 een zwaanrecht aan de State verbonden was.

Mogelijk was men in de "Beschryvinge van de Heerlyckheydt van Frieslandt" toch niet helemaal op de hoogte van de eigenaar op dat moment. Het lijkt er op dat er alleen nog een boerderij staat in 1661. In dat jaar wordt "Dekemastate genaamd op een zate en landen te Baard" verkocht en verhuurd door dr. Ysbrand van Vierssen aan Botte Ottes. Of de State echte verkocht is onduidelijk. In 1663 blijkt Botte een geldbedrag dat hij geleend had van Ysbrand te hebben afbetaald en krijgt Seyck Wittis te Baard toestemming om op het grondgebied van Ysbrand een timmerhuis te bouwen.
Later blijkt het huis op het terrein van Dekema State bewoond te zijn door Sybrandt Jacobs en is Ysbrandt nog steeds eigenaar.

In het stemkohier van 1698 staan als eigenaren vermeld de erfgenamen van wijlen de heer Remmert van Viersen voor ½ en “Raadsheer Matheas van Viersen” voor 1/2.
In 1718 lag naast de boerderij nog een stinswier, die ook op een kaart uit 1661 is afgebeeld
In 1728 is het goed nog steeds half-om-half verdeeld, nu tussen “Juffr. A. van Vierssen” en “Raadsheer Willem van Vierssen”. Tjalling Baukes was pachter.
In 1832 staan de kerk van Baard en mede eigenaren vermeld in het kadaster en wordt het perceel betiteld als weiland.
De locatie werd archeologisch onderzocht.
Bewoners 1433 - 1446 Sybrant à Bawirt
1468 - 1491 Douwe Sybrens
1491 - 1494 Goffe Roorda
1494 - 1523 Juw Hettes van Dekema
1640 “Juffr. Espelbach” eigenaar, Sybrant Jacobs gebruiker
1661 dr. Ysbrand van Vierssen eigenaar, Botte Ottes gebruiker
1698 Remmert van Vierssen erven voor ½ en Matthias van Vierssen voor ½, gebruiker Dirk Allerts
1728 Juffr. A. van Vierssen en Raadsheer Willem van Vierssen eigenaren, Tjalling Baukes gebruiker
1832 Kerk en mede eigenaren
Huidige doeleinden Het terrein waar deze stins/state heeft gestaan ligt net over de vaart ten noordwesten van het dorp en ten zuidwesten van de Dekemawei. Het is nu weiland met op het oostelijke deel een parkeerterrein.
Opengesteld n.v.t.
Foto's Detail van kaart rond Baard uit atlas van Schotanus (1718) Detail van kaart uit atlas van Eekhoff uit 1844
Verantwoording Tekst:
J. Leemburg en C.W. Braaksma
Bronnen:
"Beschryvinge van de Heerlyckheydt van Frieslandt" door Chr. Schotanus (1664)
"Baerderadiel, in geakunde" van het Geakundich Wurkferbân fan de Fryske Akademy
P. Noomen in http://hisgis.fa.knaw.nl kaartlaag “stinzen fryslan”, tevens gepubliceerd in: “De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners”, 2009
“Tegenwoordige Staat van Friesland”, dl. 3, 1788, fac. uitg. Foresta, 1975
website http://hisgis.fa.knaw.nl kaartlagen “stemkohier”, “floreenkohier” en “kadaster 1832”
Aantekeningen van J. Leemburg
Afb. 1: “De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners”, P.N. Noomen, Uitg. Verloren, Hilversum, 2009
Afb. 2: http://hisgis.fa.knaw.nl kaartlaag “Atlassen”, keuze “Atlas Schotanus”
Afb. 3: “Nieuwe Atlas van de Provincie Friesland”, W. Eekhoff, facsimile uitgave Fryske Akademy, 1970