Dotinga State te Marssum

Ligging Ten westen van de oude Middelzeedijk ongeveer halverwege Marssum en Ritzumazijl, gemeente Menaldumadeel.

Tekening van (Groot-)Dotinga naar Ids Wiersma


Andere benaming Groot-Dotinga (door sommige schrijvers ook (foutief) als Klein-Dotinga vermeld, ter onderscheid van Dotinga State/Groot-Dotinga onder Dronrijp)
Ontstaan Dotinga State bestond al in het begin van de 15e eeuw.
Geschiedenis In 1439 maakt Wpcka Doyema (Oepke Dotinga) zijn testament op en doet daarin diverse schenkingen aan de kerken en geestelijken in de omgeving.

Dertig jaar later, in 1470, is Oefcke Dottyngha "greetman" (= scheidsrechter) over de Marssumer hemrik op het nieuwland in de voormalige Middelzee. Met een dergelijke functie in deze tijd van de voortdurende plunderingen vanuit Leeuwarden zal hij vast en zeker een sterke stins hebben gehad.
Ronde 1500 is Oepke’s zoon Fedde Dotinga eigenaar. K.J. van den Akker schrijft in zijn boek "Van de mond der oude Middelzee" over Groot-Dotinga: "Wij weten nog dat George van Saxen in 1515 zijn rechten op Friesland aan Karel V verkocht. Maar Friezen zijn nu eenmaal Friezen en in Keizer Karels dagen waren ze zo, dat niet iedereen maar direct was ingenomen met wat er van hem begeerd of aan hem opgelegd werd. Dat blijkt al dadelijk hieruit, dat ze pas in 1524 Karel als heer erkenden. Maar tussen 1515 en 1524 speelde zich hier nogal wat af. Dat ondervond ook Fedde Dotinga, de bewoner der stins. Deze behoorde tot de weerspannige onderdanen, wier huizen en stinzen door Karel V de 12de Februari 1517 verbeurd verklaard werden om afgebroken te worden ten behoeve der versterking van Leeuwarden.

Zodoende viel Groot-Dotinga, doch het is weer opgestaan, zij het dan ook in heel andere vorm. Wanneer dat plaats had weten we niet, doch de vele "âlde Friezen" (kloostermoppen) welke nu nog aan de "foarein" gevonden worden, wijzen er op, dat ze van de voormalige stins afkomstig zijn. De schuur is ongetwijfeld van veel jongere datum (op een steen in de muur zagen we het jaartal 1789), terwijl de stalling in de jongere tijd de gebruikelijke modernisering heeft ondergaan. Van eventuele oude kelders, zoals wij die bij de oude burchten gewoon waren, hebben we hier geen spoor kunnen ontdekken."

Op de plek van de stins is inderdaad een nieuw huis gebouwd, want in 1543 woont hier Anle Abbesz. Dotinga en later zijn dochter Ymck van Dotinga die getrouwd is met Wopcke Pieters Popta.
In 1640 is de state volgens het stemkohier van dat jaar eigendom van Watze van Camminga en in gebruik bij Olphert Gatzes.

Tegen het eind van de 17e eeuw is de state/boerderij eigendom van Wilco Holdinga baron thoe Schwartzenberg en Hohenlandsberg. Zij bestond toen uit "huizinge, schuur, hooiberg, bomen en plantagie" en 80 pondemaat land. Die liet dit bezit in 1691 veilen en de laatste bieder "bij het uytgaen van de keerse" was de heer B. Jelmers te Beetgum. Helaas voor hem maakte advocaat dr. Hendricus Popta, eigenaar van het Popta Slot, als naastligger gebruik van zijn "recht van niaer" en werd die bezitter van Groot-Dotinga voor het door Jelmers uitgebrachte bod van 67 goudgulden en 7 stuivers per pondemaat. Blijkbaar was het Popta-stichting een goede landheer, want na Wijbe Hilbrands die er woonde van 1712 tot 1743 kwam Auke Doekles Tolsma en diens nakomelingen bleven er gevestigd tot 1916: bijna 2 eeuwen!

Dotinga State / Groot-Dotinga te Marssum wordt door sommige schrijvers ook wel als Klein-Dotinga vermeld, ter onderscheid van Dotinga State / Groot-Dotinga onder Dronrijp. Dit is echter fout. Klein-Dotinga was een boerderij, op de kaart van Schotanus en Halma (rond 1700) vermeld als "Lutcke Dotinga". Deze boerderij stond veel dichter bij het dorp, ten oosten van de oude zeedijk, dus op het nieuwland, schuin tegenover Heringa State / Popta-slot. Mogelijk is deze boederij gesticht door Oefcke Dottyngha toen die rond 1470 "greetman" was over dit deel van het Marssumer grondgebied.
Bewoners ca 1439 Oepke Dotinga
1470 Oepke Dottyngha
ca 1500 - 1524 Fedde Dotinga
1543 Anle Abbesz. Dotinga
Ymck van Dotinga, getrouwd met Wopcke Pieters Popta
1640 Watze van Camminga
- 1691 Wilco Holdinga baron thoe Schwartzenberg en Hohenlandsberg
1691 dr. Hendricus Popta
ca 1935 P.D. Bouma
Huidige doeleinden De huidige boerderij is nog steeds een agrarisch bedrijf.
Opengesteld De boerderij is particulier bewoond en niet toegankelijk, het nabije Poptaslot is op afspraak te bezichtigen en zeker de moeite waard.
Foto's Kaartje met de States rond Marssum, Deinum, Boxum en Blessum
Bronnen Tekst: Jan Leemburg
"Skiednis fan Menameradiel" red. O. Santema en dr. Y.N. Ypma, 1972
"Van de mond der oude Middelzee" door K.J. van den Akker, 1922-1942
Afb. 1 en 2: Archief van J. Leemburg