Jornsma State te Britsum

Ligging De Jornsma State stond te Britsum, gemeente Leeuwarderadeel.

Tekening van de State door J. Stellingwerf uit 1722

Andere benaming Douma State
Ontstaan De State wordt voor het eerst in 1511 genoemd.
Geschiedenis Jornsma State is in 1511 eigendom van Hessel van Martena, de bewoner van Groot Terhorne te Beetgum. Het goed is dan groot 8 pondemaat bouw;and, 24 koeganck (= 36 pmt weiland) en 30 pmt mieden (laaggelegen en dus drassig grasland). Bij elkaar dus zon 25 hectare.

In 1523 wordt het bewoond door Jancko van Douma (afkomstig uit Langweer) en zijn vrouw Maria Douwedr. van Burmania. Of zij eigenaren zijn geweest is twijfelachtig. Na hen is nl. eigenaar hun zoon Edzardt van Burmania, getrouwd met Helena Rudolfsdr. van Bunau. Zij zal de state vrijwel zeker gerfd hebben van haar ouders, Rudolf van Bunau en Cunera van Martena, een dochter van Hessel van Martena.
Als Edzardt van Burmania op 31 januari 1577 sterft, hertrouwt Helena met Wilco van Holdinghe (Holdinga). Als ook Wilco overleden is, blijft Helena van Bunau eigenaresse van Jornsma State. Zij bewoont het huis met Cunera van Douma, weduwe van Sjuck van Burmania. Cunera is een dochter van Laes van Douma, zoon van eerdergenoemde Jancko en Maria van Burmania.

Als Helena van Bunau op 11 december 1613 overlijdt, erft Cunera van Douma Jornsma State samen met de aangrenzende boerderij Geringa state. Cunera sterft op 13 mei 1651 en de state wordt eigendom van haar zoon Gemme Laes van Burmania.
Gemme is houtvester en pluimgraaf van Friesland; een erebaantje waar hij goed geld mee verdient terwijl anderen het werk doen. Hij trouwt in 1644 met Rinthje des van Eysinga. Eerst wonen ze op Martena State te Cornjum, maar omstreeks 1650 verhuizen ze naar Jornsma State. Waarschijnlijk werd deze verhuizing ingegeven doordat moeder Cunera wegens ziekte en ouderdom verzorgd moest worden. Rond 1653 overlijdt Gemmes eerste vrouw en in 1655 hertrouwt hij met Foeck Fransdr. van Eysinga. In 1667 schenken zij een bijbel met zilverbeslag aan de kerk van Britsum. Gemme overlijdt op 19 september 1671, 45 jaar oud. Foeck van Eysinga blijft tot haar dood op de state wonen.

Sjuck Tjaerdt van Burmania, oudste zoon uit het tweede huwelijk, trouwt op 2 november 1690 te Workum met Maria Helena van Ynthiema. Hij is dan grietman van Menaldumadeel maar woont op zijn landhuis Jornsma State. In die tijd is het nog heel gewoon dat de grietman elders woont. De verplichting om in de "eigen" grietenij te wonen wordt pas veel later ingesteld. In de periode 1692-1710 worden 8 van hun kinderen in de Britsumer kerk gedoopt.

Op 10 april 1729 trouwt hun dochter Catharina Lucia van Burmania met majoor jonkheer Bartholt van Burmania. Zij krijgen Jornsma State in eigendom. In 1730 laten zij de kerkbijbel vernieuwen die haar grootouders 63 jaar eerder geschonken hadden.
In 1758 staat Jornsma State in de Leeuwarder Courant. Op zaterdag 3 juni s middags om 1 uur in Het Zwarte Kruis bij de waag te Leeuwarden komt het spul onder de hamer. De verkoop bestaat dan uit twee kavels:

1.	"Een Heerlyke Heeren Huizinge en Hornleger cum annexis, 
	groot met de Singels en aanleggende Landen 28 pmt." 
	Het huis wordt dan bewoond door vrouwe Catharina Lucia 
	van Burmania, weduwe van Bartelt van Burmania. Het wordt 
	provisioneel verkocht voor 2.122 goudgulden.
2.	"Een Boere Huizinge, Schuire, Hovinge cum annexis, 
	op het Hiem aldaar", groot 34 pondemaat. Dit wordt 
	provisioneel verkocht voor 130 goudgulden en 7 stuivers 
	per pondemaat.
In de Leeuwarder Courant van 26 januari en 9 februari 1760 adverteert Jan Distelsma uit Deinum Jornsma State op afbraak: "waar aan een groote quantiteit van Steen, Pannen, Yzerwerk, een extra mooie Hart Steenen Boog, Houtene en Steenen Floeren, waaronder een mooije blauwe Polijste Floer is ongeveer 400 Steenen in t getal, en 13 een tweede Duim in t vierkant; een mooy Goudleeren Behangzel verheven werk in een groote Kamer van 30 voeten Wijd; al mede zwaare Eykene en Greenen Balken van 30 voet lang, zeer bequaam tot het bouwen van nieuwe Schuuren; een groote quantiteit Juffers (dat zijn daksparren), 30 en 24 voets, Schuif kozijnen, Kruis-kozijnen, Eykene Kozynen en Deuren, Solders, Wenteltrap, etc."
Secretaris Julius Matthijs van Beyma is dan eigenaar van de boerderijen Jornsma en Geringa state, tegelijk met de "Gestoeltens" in de kerk van Britsum, die naderhand altijd overgaan op de volgende koper. In een koopakte van 4 oktober 1794, wanneer H.J. Bruinsma en zijn vrouw Jetske Arjens Jornsma en Geringa kopen, staat: "de Gestoeltens in de Kerk de Verkooper eigen, worden gerekend onder deze verkoop te versmelten".
Bewoners 1511 Hessel van Martena
1523 bewoond door Jancko van Douma en Maria Douwedr. van Burmania
Helena Rudolfsdr. van Bunau
1613 Cunera van Douma
1651 Gemme Laes van Burmania
1671 Foeck van Eysinga
1690 Sjuck Tjaerdt van Burmania
1729 Catharina Lucia van Burmania
1758 Julius Matthijs van Beyma
1760 huis wordt op afbraak verkocht
1794 H.J. Bruinsma
Huidige doeleinden Van deze State is niets meer terug te vinden.
Opengesteld n.v.t.
Foto's
Bronnen Tekst: J. Leemburg
"It lde doarp" van R.S. Roorda
Archief J. Leemburg
Afb. 1: J. Leemburg