Keimpemastins te Leeuwarden

Ligging De Keimpemastins staat in de Grote Kerkstraat nr. 238, op de hoek van de Bontepapesteeg, dichtbij de Grote- of Jacobijnerkerk, te Leeuwarden.

Foto van de Keimpemastins uit 1975 (voor de restauratie in 1980/1981)
Andere benaming Pastoorshuis
Ontstaan Deze stadsstins is in het begin van de 14e eeuw gebouwd.
Geschiedenis De Keimpemastins is het oudste huis van Leeuwarden. Het werd waarschijnlijk gebouwd door een lid uit de familie Keimpema, een adellijk geslacht, dat al in het begin van de 14e eeuw voorkomt in Leeuwarden. De oudst bekende persoon uit deze familie is Worp Keimpema (ca 1485), die waarschijnlijk niet in het huis gewoond heeft, omdat het huis toen al als pastorie in gebruik was. Oorspronkelijk was de stins een van kloostermoppen opgebouwd dwarshuis (nok evenwijdig aan de straat) zonder verdieping en met een overwelfde kelder.

Het huis werd al vroeg in de 15e eeuw de pastorie van de parochiekerk van Nijehove toegewijd aan Maria en werd daarom ook wel Lieve Vrouwe kerk genoemd. In haar beste dagen waren er twee geestelijken aan deze kerk verbonden. In 1580 ging Leeuwarden over op de Hervormde eredienst en werd de Lieve Vrouwkerk ongeschikt bevonden. De preekstoel werd naar de GalileŽrkerk overgebracht en de kerk en de stins vervulden verschillende functies. In 1758 werd de kerk gesloopt, de Keimpemastins bleef staan.
Begin 16e eeuw werd de hoofdverdieping tot zaal gecreŽerd. Uit deze tijd stammen de nu nog aanwezige moer- en kinderbinten. In de kopwanden werden nieuwe stookplaatsen gemaakt.

Na de reformatie kreeg de stins de functie van Latijnse school. Er werden verschillende meer of minder ingrijpende verbouwingen uitgevoerd.
Vrij vroeg werd er in de rechterzijgevel een raam gemaakt. Later werden de ramen in de voorgevel veranderd. De ramen kregen onder andere naar buiten draaiende luiken en een kloosterkozijn. De ingang werd verplaatst naar het midden. Waarschijnlijk omdat het rechter vertrek iets werd vergroot.
Eind 16e eeuw werd er een achtervleugel bijgebouwd. Deze aanbouw bestond uit twee verdiepingen en is door de jaren heen uitgebreid. De toegang werd ook naar de achterzijde verplaatst. Deze kon men via een poortje in de muur langs de Bontepapesteeg bereiken.

In de 18e eeuw kreeg de stins weer verschillende functies. Het werd verbouwd tot predikantswoning. Ook deed het een tijdje als nieuwe pastorie dienst. In deze tijd zijn geen noemenswaardige verbouwingen gedaan. De hoofdverdieping was nog steeds een grote zaal. Hierdoor waren er weinig verbouwingen nodig toen er een armenschool in het gebouw gevestigd werd (1765-1776). In 1776 werd de stins een woonhuis. De grote ramen in de voorgevel werden ook in dit jaar geplaatst. Deze ramen zijn door zogenaamde roeden onderverdeeld.
Volgens de kadastrale atlas van Leeuwarden was het huis in 1832 eigendom van Anna Maria Mecima te Harlingen.
De eerste grote verandering vond pas weer plaats in 1837. De ingang werd weer naar de voorzijde verplaatst. Ook werd er een hoog bordes onder de deur geplaatst. Volgens de gegevens van het kadaster werd de 'huizinge met plaats, bleek, kamer, groote kelder en verder toebehorend' in 1840 verkocht. De nieuwe eigenaar liet in dat zelfde jaar de achtervleugel afsplitsen en verbouwen tot drie woningen. Achter het huis lag in 1842 een pastorietuin.

In 1890 verloor de stins zijn woonfunctie en werd als pakhuis ingericht. De ingang met stoep werd weggebroken en vervangen door een simpelere ingang. Tijdens deze periode raakte het huis ernstig verloederd.
In de jaren 1980/1981 werd het pand gerestaureerd en zoveel mogelijk in oorspronkelijke staat teruggebracht. De ingang aan de voorzijde en de kelderingang aan de rechterzijde werden gereconstrueerd en de stins kreeg zijn woonfunctie terug.

In de huidige toestand is de Keimpemastins een eenvoudige, onderkelderde zaalstins van ťťn verdieping. Op de plattegrond van Leeuwarden uit omstreeks 1630 zien we echter een dubbel huis van twee verdiepingen boven de kelders. Op een plattegrond van Sems uit 1603 is zelfs een dubbel huis getekend dat boven de kelders uit 3 verdiepingen lijkt te bestaan.
Bewoners ca 1300 - ca 1420 familie Keimpema
ca 1420 - 1785 bewoond door de opvolgende pastoors van de Lieve Vrouwekerk
1832 Anna Maria Mecima
Huidige doeleinden Het huis wordt particuliere bewoond.
Opengesteld Voor zover bekend is het huis niet toegankelijk.
Foto's Foto van de stins in maart 2005 Foto van de achterzijde van de stins op 30 november 2006 Foto van de stins op 30 november 2006 Detail van plattegrond van Leeuwarden uit omstreeks 1630 (onbekende tekenaar)
Bronnen Tekst: Langs stinsen, states en andere voorname huizen in Friesland, 1979
Eerdere informatie over de KeimpemaStins op de website van de NHL HogeSchool
Lijst van door hen geraadpleegde literatuur:
Alexander Jager, De constructieve en ruimtelijke ontwikkelingen van het woonhuis in Leeuwarden tot circa 1650.(z.p. 1969)
G.P. Karstkarel, Leeuwarden 700 jaar bouwen. (Zutphen: Terra 1985)
Peter Karstkarel en Rienk Terpstra, De late middeleeuwen aan de Grote Kerkstraat. (Stichting monument van de maand Leeuwarden jaargang 2, deels)
Leeuwarden 750 - 2000 Hoofdstad van Friesland. (Utg. Van Wijnen, 1999)

Lijst van archivalia:
Gemeentearchief Leeuwarden
Inv. nr. 76 a en b, Inventaris van de Rooms Katholieke parochie van de H. Bonifatius en gezellen, 1657 - 1970 en het Rooms Katholieke parochiaal armbestuur 1716 - 1955 te Leeuwarden
Inv. nr. E 547, Voorlopig documentatierapport ten behoeve van de restauratie van de Keimpemastins
Belastingsgegevens uit 1796, 1799 en 1805
Klappers op het register van mannelijke ingezetenen, 1824
Wijkregister gemeente Leeuwarden, 1877 - 1900
Alfabetisch register op de groot consentboeken van Leeuwarden
Tekst bewerkt door: Jan Leemburg
Foto 1 t/m 4: Jan Leemburg
Afb. 1: Archief van J. Leemburg