Luniastins te Hallum

Ligging De Luniastins stond te Ondersmaburen bij Hallum, gem. Ferwerderadiel.

Kaartje met de Stinsen rond Marrum, Hallum en Hijum
Ontstaan De oorsprong van deze stins is onbekend, maar ligt mogelijk rond 1200.
Geschiedenis Lunia is opgenomen vanwege de hier gevonden fundering van een stins. De naam Lyonie wordt voor het eerst in 1511 vermeld, in de naam van de pachter Sipcke Lyonie. Mogelijk kennen we naamgever, Liudo, die rond 1200 edelman in Ondersmaburen was. Er zijn meer voorbeelden dat een deel van de naamgevers van belangrijke stinzen, dan wel families in die tijd leefden.*
De 13de-eeuwse vermelding betreft domnus Waltetus de Underthum, dus "heer Waltet van Ondersmaburen", die werd geboren rond 1170, en zijn zoon de edelman (vir nobilis) Liudo, bij benadering geboren rond 1200. Laatstgenoemde trouwde met Renniwer van Merselum, (zie Marckla) dochter van Dodo van Merselum en Sitet, dochter van Siard Rembrechta van Rembrechta-stins te Marrum. Dochters van Liudo en Renniwer waren rond 1270 non in het klooster Bethlehem. De genoemde families hadden ook in eerdere generaties met Bethlehem en zijn moederklooster Mariengaarde al intensieve contacten onderhouden, niet verwonderlijk trouwens vanwege de nabijheid van Ondersmaburen en MariŽngaarde!

Na enkele eeuwen zwijgen van de bronnen zijn er weer gegevens. Pachtboer was toen Sipcke Lyonie, als meyer van heer Fedde (Popkema), pastoor van Oldehove in Leeuwarden. Fedde Popkema had weliswaar vele familiebanden met de adel uit deze omgeving, maar onduidelijk is (nog) of en hoe hij met de latere eigenaars verwant was.
In 1540 was Lunia eigendom van Rixt van Aebingha, weduwe van Peter van Aylva, gebruiker was toen Thyemme Lyonie. Zowel in 1511 als in 1540 was het bedrijf, evenals het aangrenzende goed Schierstins trouwens, 44 pondemaat groot. Van Rixt is bekend dat zij 8 pm land van Lunia ruilde met het naburige klooster Nazareth.
Verder is uit het beneficiaalboek van 1543 bekend dat uit Lunia jaarlijks een halve floreen aan de pastorie van Hallum, 7 stuivers aan de prebende en 7 stuivers aan de sacristie moest worden betaald. Na de dood van Rixt Aebingha in 1543 vererfde Lunia aan haar broer Riurd, zodat Lunia en de nabijgelegen Schierstins sindsdien in dezelfde hand waren.** In 1718 lag de boerderij van Lunia nog bij Oldersmaburen; in het midden van de 19de eeuw was zij naar elders op het Lunia-land verplaatst.

Bij dit goed en bij de vlak ernaast gelegen Schierstins werden in 1999 twee fundamenten van stinzen gevonden. Er is een tekening van Pieter Idserts Portier van rond 1750 bewaard van een ruÔne naast een boerderijtje. Blijkens de hoek waaronder de kerk van Hallum werd afgebeeld - en omdat de Schierstins in 1718 al geheel verdwenen was - betreft het Lunia.***

* Zie hiervoor uitgebreid: Noomen, Stinzen, hoofdstuk 1: naast Liudo-Lunia noemt hij Dodo-Donia in Oosternijkerk, Sinic-Siuxma in Waaxens, Bernard-Bannerhuis, Kempo-Cammingha, Ethelger-Jelgerhuis, en mogelijk Wigger-Wigarathorpe/Gerkesklooster en Thithard-Tjaerda. In al deze gevallen is er een parallellie tussen met name genoemden aanzienlijken rond 1200 en de latere naam van de betreffende huizen.
** Zie Schierstins te Hallum.
*** Noomen neemt hierbij aan dat het correct is dat op de kaart van 1718 bij Schierstins in het geheel geen bebouwing meer aanwezig was. Pieter Idserts maakte echter vaak gebruik van een spiegelkast wat betekent dat de tekening wellicht in spiegelbeeld getekend is. In dat geval kan dit een tekening van de restanten van Jaijema ten noordwesten van het dorp zijn.
Bewoners eind 12e eeuw Waltetus de Underthum (?)
begin 13e eeuw Liudo (?)
Fedde Popkema eigenaar, Sipcke Lyonie pachter
1540 Rixt van Aebingha, wed. Peter van Aylva, pachter Thyemme Lyonie
1543 Riurd van Aebingha
Huidige doeleinden De fundamenten van de stins zijn afgedekt en niet zichtbaar.
Opengesteld n.v.t.
Foto's
Bronnen Tekst: P.N. Noomen, De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners, 2009
Afb. 1: De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners