Riniahuis te Kollum

Ligging Het Riniahuis stond in Kollum, gemeente Kollumerland, tegenover het kerkhof.
Ontstaan Vermoedelijk gesticht in het begin van de 17e eeuw.
Geschiedenis Vermoedelijk werd het huis in het begin van de 17e eeuw gebouwd door dr. Hayo van Rinia, in 1613 “postelant bij den gerechte” van deze grietenij was, daarna assessor en van 1627 tot 1631 grietman van Kollumerland. Hij was een zoon van Doeke van Rinia en Anna van Aldertsma (Allersma) en werd te Driesum geboren. Na zijn rechtenstudie te Franeker liet hij zich inschrijven als advocaat voor het Hof van Friesland. Hij trouwde met Maaike Huyghis, dochter van Frans Huyghis, rond 1580 secretaris van Kollumerland en eigenaar van het Huighishuis aan de Eewal te Leeuwarden en Geel van Bootsma. Na het overlijden van Maaike trouwde hij met Joukje van Dijxtra, vermoedelijk afkomstig van Dijxtra State te Huizum.
In 1616 kocht hij het een en ander aan onroerend goed te Kollum, o.a. “een huis, hovinge, boomen en plantagie, staende tegenover het Kerckhoff, hebbende de Vicarie ten oosten en Reiner schoenmaker ten westen”. Later kocht hij ook het huis van Reiner waar voorheen “’t graue peert” uithing en een huis met “plantagien” in de Putstraat dat als belendingen had de Gasthuisstraat ten zuiden, de Putstraat ten oosten en “des koopers eigene huijsen” ten noorden.
Na het overlijden van Hayo omstreeks 1639 kwam het Riniahuis en het ten west daarvan staande pand in handen van zijn toen nog levende drie kinderen. Zoon Sixtus en zijn vrouw Eelckje van Aylva komen in 1652 voor als “echteluyden binnen Collum”. In dat jaar kopen ze van zijn broer Ritscke die vrijgezel was, diens 1/3 deel van beide huizen, waarvan het ene door deze echtelieden bewoond was. dat zal ongetwijfeld het Riniahuis geweest zijn.

Sixtus overleed kinderloos in 1667. In 1698 zijn beide huizen in handen van een ver familielid, Sybilla Theresia van Spitholt, weduwe van Josias van Rispens. In dat jaar werd het Riniahuis bewoond door Livius van Scheltinga, ontvanger-generaal van Kollumerland en zijn vrouw Wija Catharina Botnia van Broersma. Zij hebben blijkbaar beide huizen vóór 1728 gekocht, want in dat jaar komen de “Mevr. W.C. van Broersma Wed. Scheltinga Erfgenamen” als eigenaars en gebruikers voor. Die verkochten de huizen aan de grietman Willem Emilius van Unia die in 1738 een van beide huizen bewoonde. We hoeven niet lang te raden welke dat geweest zal zijn. Reeds in 1744 verkocht hij beide panden aan Catharina Aurelia van Scheltinga, weduwe Van Glinstra. Zij bewoonde het grote huis tot haar overlijden op 1 november 1761 en werd in de kerk van Kollum begraven.
Van haar vererfden deze huizen op haar dochter Wija Catharina die getrouwd was met Willem Hendrik van Heemstra. Zij woonden op Vogelsangh State te Veenklooster en hadden al in 1748 het naastgelegen hoekhuis aan de Tollingestraat aangekocht.

Hun zoon Schelte van Heemstra erfde deze drie huizen en na hem zijn zoons Cornelis en Willem Hendrik die in 1805 het hele compex in één koop overdroegen aan de raadsheer Willem Hendrik van Sytzama en diens zuster Wija Catharina. Overigens betrof het toen geen 3 huizen meer. Het schijnt nl. dat het oude Riniahuis en het aangrenzende huis ten westen door een vorige eigenaar waren afgebroken die daarvoor in de plaats een groter huis heeft laten bouwen. In de koopakte waarbij Van Sytzama eigenaar werd wordt het pand omschreven als “eene voortreffelijke huizinge, stalling en wagenhuis De Intrek genaamt” met “boomen en plantagien”. Het hoekhuis ten westen, de voormalige bakkerij die door Willem Hendrik van Heemstra was gekocht, wordt apart vermeld. Ook verkreeg hij het recht om in de kerk in de Vogelsanghbank te zitten.
Drie jaar later kocht Van Sytzama, die in 1807 vanuit Driesum hier naar toe verhuisd was en niet op een paar centen hoefde te bezuinigen, de oude voormalige Vicarie ten oosten van het huis. Hij liet alle, nu weer drie, panden afbreken en er een groot herenhuis neerzetten met een koetshuis en stalling en erachter een fraaie tuin aanleggen. Zijn erfgenamen verkochten het huis in 1842 aan Hendrikus Eskes.
Bewoners 1616 – 1639 Hayo van Rinia
1639 – 1667 Sixtus van Rinia
1698 Sybilla Theresia van Spitholt
tot 1728 Livius van Scheltinga
1728 erven Livius van Scheltinga
1738 Willem Emilius van Unia
1744 Catharina Aurelia van Scheltinga
Wija Catharina van Scheltinga en Willem Hendrik van Heemstra Schelte van Heemstra
tot 1805 Cornelis en Willem Hendrik van Heemstra

vanaf 1805 Willem Hendrik van Sytzama en diens zuster Wija Catharina
tot 1842 erven Willem Hendrik van Sytzama
vanaf 1842 Hendrikus Eskes
Huidige doeleinden Of het huis nog bestaat is mij niet bekend.
Opengesteld n.v.t.
Foto's
Bronnen Tekst: Jan Leemburg
“Kollumerland en Nieuw Kruisland” door mr. A.J. Andreae, 1883-1885