Ubela State bij Tzum

Ligging Deze state stond in de buurschap Truurd onder Tzum, gemeente Franekeradeel.

overzicht van states in en rond Tzum voor zover gelokaliseerd

Andere benaming te Truyrdt
Ontstaan De state wordt reeds in 1406 vermeld.
Geschiedenis In het buurschapsgebied van Truurd, direct ten noorden van het dorp Tzum, lagen in 1406 twee rechtvoerende staten. Een daarvan was in 1406 Ubela statha by dae were, misschien dus bij een stinswier. Dit zou op basis van uitsluiting de state kunnen zijn die in 1511 en later aan de Sint-Nicolaasprebende van Tzum behoorde (FC6). De Herema's bezaten het patronaatsrecht van deze prebende en hadden hem dus ooit gesticht.- In de jaren 1406-1438 behoorde één van de staten van Truurd aan de familie Herema, de andere aan de Siaerdema's. Beide families waren zowel rond 1400 als rond 1500 aan elkaar verwant. Aangezien het vrijwel vaststaat dat Toe Jet eigendom was van de Herema’s mogen we aannemen dat de Siaerdema’s Ubela State in eigendom hadden.
Van een "wier" of stins is na 1406 geen sprake meer; de aanduiding van "wier" zonder meer kan bovendien ook op een (grotere) terp slaan.
Tot zover P.N. Noomen.

Het stemkohier van 1640 vermeldt “Gerrolt Valerius, als “becrodighde” van het Sint Nicolausleen”. Dat betekent dat deze Gerrolt de vader was van de student die ‘beneficiant’ was en moest zorgen dat de leensgoederen zo lucratief mogelijk beheerd werden zodat zijn zoon een zo groot mogelijke studiebeurs kon krijgen. Destijds was het bij familielenen de gewoonte dat slechts één persoon de pensie van het leen genoot en dus de hele netto opbrengst van het leen tot zijn beschikking had. Reiner Heres was toen de pachter van de boerderij “te Truyrdt” waarvoor 23 floreen belasting betaald moest worden.
In 1698 lijkt het een adellijk pachtgoed te zijn, eigendom van “Jr. Ruyrd Juccama van Burmania, uit naam van zijn vrouw Elisabeth van Eminga, papist” die het verhuurde aan Hoyte Johannes. In 1700 was het goed 81 pondemaat (29.76 ha.) waarvoor net als in 1640 nog steeds jaarlijks 23 gulden floreenbelasting betaald moest worden.
Het stemkohier van 1728 werpt echter een ander licht op het eigendom van de boerderij want daarin wordt in de rol van eigenaar opnieuw “Jr. Ruyrd van Burmania” vermeld, maar nu met de toevoeging “als collator”. Dat zou betekenen dat hij alleen optrad als beheerder en dat het goed nog steeds eigendom was van het St. Nicolausleen.
Volgens het kadaster is het in 1832 niet meer eigendom van het leen (als dat toen nog bestond) maar van Watze Louwes Bakker, landbouwer te Tjum.

Bewoners 1511 Fam. Van Sjaerdema
1640 verm. tot na 1728 Sint Nicolausleen
1832 Watze Louwes Bakker
Huidige doeleinden Er is niets van de stins terug te vinden, op het terrein staat een boerderij.
Opengesteld n.v.t.
Foto's
Bronnen Tekst: Bovenstaande tekst is met toestemming van auteur P.N. Noomen overgenomen van de website www.hisgis.nl, tab "kaartlagen", keuze "stinzen fryslan". Die tekst is tevens gepubliceerd in:
"De Stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners", P.N. Noomen, Uitgeverij Verloren, Hilversum 2009
www.hisgis.nl tab “kaartlagen”, keuzes “Stemkohier”, “Floreenkohier” en “Kadaster 1832 eigenaren fryslan”
Foto 1: Google Earth